Een belangrijk deel van de soorten die leven in agrarisch grasland doet dat ondergronds. Allerlei trek- en weidevogels maken graag gebruik van het bodemleven dat hier te vinden is. Voor de boer is het bodemleven eveneens van belang; zo helpen regenwormen bij de waterdoorlaatbaarheid, terwijl emelten bij hoge dichtheden juist behoorlijke schade kunnen veroorzaken. 

Vroeger was het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tegen emelten vrij normaal, maar tegenwoordig is dat niet vaak meer nodig. Blijkbaar zijn er veranderingen geweest in de aantallen regenwormen en insecten in de bodem.

Om erachter te komen hoe het staat met het bodemleven in Friesland, gaan onderzoekers van Altenburg en Wymenga dit voorjaar percelen bemonsteren waarvan bekend is hoeveel bodemleven er dertig jaar geleden aanwezig was. Deze percelen bevinden zich in het werkgebied van Waadrâne en de Noardlike Fryske Wâlden. In het veld zullen de onderzoekers de eigenaren van de percelen om toestemming vragen.

De resultaten geven hopelijk inzicht in eventuele veranderingen in de aantallen bodemfauna in de afgelopen dertig jaar. Hier zijn geen directe vervolgstappen aan verbonden. Het rapport dat hierover wordt geschreven, zal worden gedeeld met alle boeren die dat willen en andere belangstellenden.

Klik om toegang te krijgen tot de login- of registratiekaas