Irene de Schipper van Poldernatuur Zeeland
Tekst: Babs Bouwman
Boeren en natuur hoeven elkaar niet in de weg te zitten. Volgens Irene de Schipper versterken ze elkaar juist. Als coördinator Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer bij Poldernatuur Zeeland werkt ze dagelijks aan die verbinding, waar ze ziet dat steeds meer Zeeuwse agrariërs ruimte maken voor bloemenranden, vogelakkers en vogelvriendelijke gewassen. “Het mooiste is als boeren zelf gaan ervaren wat natuurbeheer op hun eigen land doet”. Daar is geduld voor nodig, want het duurt wel een paar jaar voordat het resultaat te zien is.
Landschappen fascineren Irene de Schipper al zolang ze zich kan herinneren. Opvallend genoeg ontstond die liefde niet in een groene omgeving, maar tussen de kassen van het Westland, waar ze opgroeide in een ondernemersfamilie in de tuinbouw. In het weekend trok het gezin met laarzen aan de weilanden in, om slootje te gaan springen. “Maar zodra ik buiten het Westland kwam, keek ik altijd om me heen”. Dan vroeg Irene zich af hoe het landschap was ontstaan en waarom het er anders uitzag dan bij haar in de buurt. Die nieuwsgierigheid bracht haar naar Wageningen, waar ze Landschapsarchitectuur ging studeren.
Na haar studie verhuisde ze naar het akkerbouwbedrijf van haar man op Noord-Beveland. Zo’n zeven jaar geleden sloot ze zich aan bij de lokale agrarische natuurvereniging Akkerleven, waar ze kleine natuurprojecten begeleid, zoals bloemplukranden. Via de ANV belandde ze in 2023 bij het bestuurssecretariaat van het collectief. Nog jaar later volgde ze Jozien de Winter op als coördinator ANLb, wat nog beter aansloot bij haar achtergrond. “Het was een logische stap, want ik kende de organisatie al goed en kon als het ware op een rijdende trein springen”.
Poldernatuur Zeeland is een samenwerking van negen Zeeuwse agrarische natuurverenigingen, die beheercontracten afsluit met boeren die binnen hun landbouwbedrijf ruimte willen maken voor natuur. Wat opvalt is dat iedereen binnen de werkorganisatie zelf ook boer is of meewerkt in het boerenbedrijf. Daardoor is het werk voor het collectief verweven met het dagelijks leven op het erf in combinatie met de gezinnen. Het grote voordeel daarvan is dat , door hun boerenkomaf, ze de taal van de boeren spreken.

Als coördinator bewaakt Irene het complete proces achter de schermen. Ze stelt gebiedsaanvragen op, ontwikkelt beheerstrategieën, zorgt dat contracten kloppen en onderhoudt het intensieve contact met provincie en RVO. Daarnaast kijkt ze hoe projecten uiteindelijk kunnen worden opgenomen binnen het ANLb. Dat vraagt soms veel uitzoekwerk. “Het is ook mijn taak om te bekijken of nieuwe vormen van natuurinclusieve landbouw binnen de kaders van het ANLb passen. Door dat analyseren en organiseren word ik inhoudelijk uitgedaagd, maar ik zie ook letterlijk terug waarvoor we het doen”.
Zeeland kenmerkt zich door een open akkerbouwlandschap met grote verschillen tussen de regio’s. Op Walcheren is het landschap kleinschaliger, terwijl Noord-Beveland en grote delen van Zeeuws-Vlaanderen juist uitgestrekte akkergebieden zijn. Daar liggen inmiddels honderden hectares aan patrijzenranden, insectenranden, vogelakkers en brede bufferstroken. De karakteristieke Zeeuwse bloemdijken verbinden bovendien natuurgebieden en clusters agrarisch natuurbeheer met elkaar. Een van de mooiste voorbeelden ligt volgens Irene in de omgeving van Zuidzande. “Als je daar rondrijdt, zie je veel verschillende maatregelen naast elkaar liggen. Er leven daar ook opvallend veel patrijzen. Natuurlijk kunnen we nooit bewijzen dat dat alleen door het natuurbeheer komt, maar het valt wel op hoe goed het daar gaat”.
Zoals iedere provincie kent Zeeland ook heel eigen uitdagingen. Water bepaalt het landschap én de landbouw. Verzilting, droogte en juist extreme neerslag zetten boeren steeds vaker onder druk. De afgelopen jaren moest Poldernatuur Zeeland meerdere keren een overmachtsmelding doen omdat weersomstandigheden het onmogelijk maakten om beheer volgens planning uit te voeren. ” Als een gewas door droogte niet opkomt, voldoet een deelnemer officieel niet aan de voorwaarden. Maar inmiddels weten we uit ervaring dat zulke randen zich soms verrassend goed herstellen”. Zo doet de tijd wonderen en blijft de natuur iedereen verrassen.
Ondanks dat Irene het enthousiasme onder Zeeuwse boeren ziet groeien, moeten er ook nog boeren overtuigd worden over de praktische aanpak van ANLb-beheer. Juist daarin ligt voor Irene een grote motivatie. “Door goed te luisteren ontdek je waar boeren tegenaan lopen. Onkruiddruk is daar een goed voorbeeld van. Het helpt niet om alleen de regels uit te leggen. “Onze veldmedewerkers gaan langs, kijken mee en geven praktisch advies. Pas als boeren na 1 of 2 jaar de effecten zien, gaat het meer vanzelf”. Dat persoonlijke contact vormt volgens haar de kracht. Omdat de medewerkers zelf uit de landbouw komen, spreken ze dezelfde taal. Ze schuiven aan de keukentafel, zijn laagdrempelig bereikbaar via telefoon of WhatsApp. Zo ontstaat er vertrouwen en volgens Irene is dat het sleutelwoord. Niet alleen tussen het collectief en de boeren, maar ook in de relatie met de provincie.
Voor de toekomst hoopt Irene vooral op meer balans. Niet alleen tussen landbouw en natuur, maar ook tussen de extremen van droogte en wateroverlast. Ze hoopt dat regeneratieve landbouw zich verder kan ontwikkelen en vooral dat de markt daarin gaat
investeren. “Nu is nog maar een klein deel van de Zeeuwse landbouwgrond ingericht met zwaar natuurbeheer. Er is nog veel meer mogelijk. Het mooiste zou ik vinden als steeds meer boeren ervaren dat zij zelf invloed hebben op hoe het landschap eruitziet”.
Zelf ziet Irene de resultaten bijna dagelijks. Onderweg naar school met haar kinderen of op weg naar een afspraak ziet ze de percelen waar boeren aan natuurbeheer doen. “Ik ken al die stukken grond en ik zie hoe het landschap verandert”. Mooie momenten beleeft ze in het veld buiten werktijd als ze als vrijwilliger meehelpt met patrijzentellingen en het geluid van een mannetjespatrijs laat horen: “Als er dan ineens een patrijs opvliegt of als ik een veldleeuwerik hoor zingen, precies op een plek waar we beheermaatregelen hebben, dan word ik echt enthousiast. Eigenlijk zijn dat de dingen waar ik het voor doe”.
Naam: Irene de Schipper
Functie: Coördinator ANLb
Collectief: Poldernatuur Zeeland
Aantal deelnemers: 500
Gebied in beheer: 2650 ha
Mooiste waarneming: Opvliegende patrijs of zingende veldleeuwerik
