Op 16 juni vierde de vereniging BoerenNatuur haar tienjarig bestaan met een groots jubileumfestival in de Gasfabriek in Deventer. We kijken trots terug op een hele geslaagde dag, waar onder een stralende zomerzon bijna achthonderd bezoekers uit het hele land bij elkaar kwamen om een decennium van samenwerking voor natuur, landschap en biodiversiteit op het boerenland te vieren.
Niet alleen keken we op het festival terug op hoe ver de vereniging in tien jaar is gekomen, maar bood het juist ook volop ruimte om samen vooruit te kijken. Met tientallen inhoudelijke sessies, excursies, workshops en ontmoetingen stond deze dag namelijk helemaal in het teken van één centrale boodschap: samenwerken blijft de sleutel tot een toekomstbestendig agrarisch natuurbeheer.
Een jubileum om trots op te zijn
Om half tien opende onze voorzitter Marije Klever het festival officieel. In haar openingsspeech sprak zij haar trots uit over de ontwikkeling van BoerenNatuur sinds de oprichting tien jaar geleden. Wat begon als een vooral praktisch samenwerkingsverband is uitgegroeid tot een stevige landelijke vereniging van 39 agrarische collectieven.
In haar speech benoemde Marije over elk van de 39 collectieven een bijzonderheid. Van biodiversiteitsprojecten en jongerenactiviteiten tot innovatieve vormen van natuurbeheer en de langdurige inzet van vrijwilligers, bestuurders en boeren: overal in het land werken mensen dagelijks aan een rijker landschap en een sterkere natuur.
Naast een terugblik keek ze ook vooruit. De uitdagingen voor natuur en landbouw zijn groot, maar volgens haar biedt juist de kracht van samenwerking perspectief. Om die gezamenlijke geschiedenis en toekomst vast te leggen, presenteerde zij tijdens de opening het jubileumboek, gevuld met verhalen, ervaringen en hoogtepunten uit tien jaar agrarisch natuurbeheer én met tientallen toekomstwensen van samenwerkende organisaties aan de jubilerende collectieven.


Een dag vol kennis en inspiratie
Na de opening verspreidden de deelnemers zich over het festivalterrein. Gedurende de dag konden ze kiezen uit maar liefst 37 inhoudelijke sessies over onderwerpen als ecologie, landbouw, landschap, ondernemerschap en beleid. Meer dan vijftig sprekers uit wetenschap, praktijk en overheid deelden hun kennis en ervaringen. Zo ging ecoloog Theunis Piersma van BirdEyes en de Rijksuniversiteit Groningen in op de vraag of Nederland erin zal slagen de reguliere landbouw uiteindelijk ‘ecologisch schadevrij’ te maken. Volgens Piersma ligt daar een belangrijke sleutel voor het herstel van biodiversiteit in graslanden en voor soorten die sterk onder druk staan, zoals de grutto.
Ook natuurinclusieve landbouw kreeg volop aandacht. Udo Prins van het Louis Bolk Instituut vertelde over ervaringen uit twee proeftuinen op de Zuid-Hollandse eilanden. Zijn presentatie bood praktische voorbeelden van hoe landbouw en natuur elkaar kunnen versterken. Jerry Lust van Landschapsbeheer Noord-Holland nam deelnemers vervolgens mee in de wereld van predatoren en gaf een workshop over het herkennen van verschillende roofdieren in het boerenlandschap.
Door de grote variatie aan onderwerpen konden bezoekers hun eigen programma samenstellen. Zo ontstonden continu nieuwe ontmoetingen tussen mensen uit verschillende disciplines, wat precies past bij de verbindende rol die BoerenNatuur voor ogen heeft.

Unieke samenwerking binnen het agrarisch natuurbeheer
Die verbinding stond ook centraal in een van de drukst bezochte sessies van de dag, het panelgesprek over de samenwerking tussen beleid en uitvoering binnen het agrarisch natuurbeheer. Aan tafel schoven Franc van der Steen van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN), Marcel Roersma van het Interprovinciaal Overleg (IPO), Roel Linders van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en Evelien Verbij, directeur van BoerenNatuur.
Samen keken ze naar de ontwikkeling van het agrarisch natuurbeheer en de toekomst van het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb). Van der Steen legde uit dat het ANLb de kern vormt van het bredere agrarisch natuurbeheer. Het systeem, gebaseerd op vrijwillige deelname van boeren, blijkt succesvol en trekt steeds meer deelnemers. Om verdere stappen te zetten zijn volgens hem uitbreiding en versterking noodzakelijk.
Daarbij gaat het niet alleen om meer hectares natuurbeheer, maar ook om hogere kwaliteit. Meer gebiedsgerichte samenwerking, clustering van beheermaatregelen en zwaarder beheer moeten bijdragen aan betere resultaten voor natuur en landschap. Om boeren daarin mee te krijgen, zijn langdurige contracten essentieel.
Ook de samenwerking tussen verschillende partijen kwam uitgebreid aan bod. Volgens Linders is het Nederlandse ANLb-stelsel uniek binnen Europa. Het systeem biedt ruimte voor maatwerk en houdt rekening met het feit dat natuurontwikkeling niet altijd voorspelbaar verloopt.
Roersma benadrukte op zijn beurt het belang van de intrinsieke motivatie van boeren en andere grondgebruikers. Juist die betrokkenheid maakt volgens hem het verschil en vormt de basis onder het succes van het huidige stelsel.


Hoe maak je biodiversiteit economisch waardevol?
Een andere belangrijke vraag tijdens het festival was hoe biodiversiteit beter kan worden beloond. In een goed bezochte sessie gingen voormalig BoerenNatuur-voorzitter Alex Datema, tegenwoordig werkzaam als directeur Food & Agri Nederland bij de Rabobank, en BoerenNatuur-bestuurslid Henk Smith hierover met elkaar in gesprek. Datema stelde dat landbouw traditioneel vooral wordt beoordeeld op haar economische prestaties. Volgens hem verdient ook de maatschappelijke en ecologische waarde van landbouw meer erkenning. Landbouw levert immers niet alleen voedsel, maar draagt ook bij aan werkgelegenheid, landschapskwaliteit, waterbeheer en biodiversiteit.
Om die waarden beter te belonen, ontstaan volgens Datema nieuwe markten. Grote bedrijven zoeken steeds vaker mogelijkheden om hun duurzaamheidsdoelen te realiseren en zijn bereid te investeren in natuur en biodiversiteit. Hij noemde daarbij het initiatief Biodiversity Boosters, een marktplaats waarin bedrijven biodiversiteitsmaatregelen kunnen financieren die door boeren worden uitgevoerd.
Volgens Datema biedt deze ontwikkeling kansen voor agrarische collectieven Wel moeten dergelijke initiatieven altijd aansluiten bij bestaande natuurdoelen en daadwerkelijk bijdragen aan biodiversiteitsherstel in een gebied.
Smith zag duidelijke raakvlakken met de missie van BoerenNatuur. De vereniging werkt al langer aan manieren om ervoor te zorgen dat duurzaam en natuurinclusief boeren financieel aantrekkelijk wordt. Daarbij wordt onder meer gekeken naar Groene KPI’s, BoerenNatuur-scores en andere instrumenten waarmee prestaties op het gebied van natuur en landschap zichtbaar en beloonbaar kunnen worden gemaakt.
De centrale boodschap was helder: als groen boeren moet lonen, zijn naast subsidies ook nieuwe verdienmodellen nodig.
Vogels kijken, tekenen en zeefdrukken
Hoewel kennisdeling een belangrijk onderdeel vormde, was er op het festival veel meer te beleven dan alleen lezingen en discussies. Zo organiseerden lokale vogelexperts Jorik Greven en Michiel Wesselink excursies naar de uiterwaarden van de IJssel. Gewapend met professionele telescopen gingen deelnemers op zoek naar vogels in het gebied. Dat leverde een indrukwekkende soortenlijst op, met onder meer zwarte roodstaarten, kneutjes, een slechtvalk, nestelende oeverzwaluwen en zelfs een ijsvogel.
Ook creatievelingen kwamen volop aan hun trekken. Bij de Mobiele Zeefdrukkerij konden bezoekers hun eigen tas of T-shirt bedrukken met speciaal voor het jubileum ontworpen afbeeldingen van drie karakteristieke doelsoorten: de groene glazenmaker, de grauwe klauwier en de kievit, ontworpen door Jasmijn Lanjouw..
Daarnaast verzorgden studenten van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht workshops natuurtekenen. Met potlood, houtskool en waterverf legden deelnemers planten, dieren en landschappen vast, waarmee zij op een andere manier naar natuur leerden kijken.
Ontmoeting op de marktplaats
Direct naast de ingang bevond zich een levendige marktplaats waar organisaties uit het brede werkveld van natuur, landschap en landbouw zich presenteerden. Onderzoeksinstellingen, soortenorganisaties, onderwijsinstellingen, terreinbeheerders en innovatieve samenwerkingsverbanden gingen er in gesprek met bezoekers.
Voor velen vormde deze marktplaats een belangrijk ontmoetingspunt. Hier werden ervaringen uitgewisseld, nieuwe contacten gelegd en ideeën geboren voor toekomstige samenwerking. Wie behoefte had aan een rustmoment kon terecht in een rustige ruimte in de kelder. Daar draaide een film over het leven in plas-drasgebieden, waardoor bezoekers even konden ontsnappen aan de drukte voordat zij weer deelnamen aan een volgende sessie.
Spelenderwijs leren over slootbeheer
Dat kennisdeling niet altijd in een traditionele vorm hoeft plaats te vinden, bleek tijdens de sessie over ecologisch slootschonen. Vanwege de warme temperaturen besloten Dirk Jan Bleijerveld van BoerenNatuur Utrecht Oost en Jaap Zuidersma van Collectief It Lege Midden hun bijeenkomst interactiever aan te pakken. Deelnemers speelden gezamenlijk het spel “Zwem je rot”, waarbij zij vragen beantwoordden over ecologisch slootbeheer. Op een speelse manier kwamen belangrijke lessen naar voren. Zo werd benadrukt dat meer kennisdeling nodig is richting loonwerkers, inwoners en andere betrokkenen. Veel mensen weten namelijk nog onvoldoende waarom ecologisch slootschonen belangrijk is en welke bijdrage boeren hieraan leveren. Uiteindelijk draait het volgens de Bleijerveld en Zuidersma om het herstellen en behouden van het natuurlijke evenwicht in de sloot.

Ondernemen met lef
Ook de toekomst van landbouwbedrijven kwam uitgebreid aan bod. Tijdens de sessie “Boeren met lef: investeren in de toekomst” vertelde biologisch melkveehouder Geert Takken over zijn overstap van gangbare naar biologische landbouw. Voor Takken begon die keuze als een strategische ondernemersbeslissing. In een omgeving met veel grootschalige bedrijven zocht hij naar een manier om zich te onderscheiden. Zijn ligging nabij het UNESCO-gebied de Maasheggen vormde daarbij een extra aanleiding om zijn bedrijfsvoering beter aan te laten sluiten op de omgeving. Volgens Takken vraagt een dergelijke omschakeling niet alleen vakkennis, maar vooral ondernemerschap en creativiteit. Veel boeren zijn opgeleid als producent, terwijl de uitdagingen van deze tijd juist vragen om ondernemers die kansen zien in veranderingen.
Rob van Eijck lichtte vervolgens toe hoe het Investeringsfonds Duurzame Landbouw boeren kan ondersteunen bij dergelijke transities. Via toegankelijke leningen kunnen ondernemers investeren in maatregelen die bijdragen aan een toekomstbestendige bedrijfsvoering met minder uitstoot en meer aandacht voor duurzaamheid.


Een feestelijke afsluiting
Na een dag vol gesprekken, ideeën en ontmoetingen werd het festival feestelijk afgesloten met een gezamenlijke borrel. Marije Klever opende officieel dit o zo belangrijke slotprogramma, waarna deelnemers nog uitgebreid de gelegenheid hadden om ervaringen uit te wisselen.
Als bijzondere afsluiting schreef Maarten van Veen van De Reisgenoot speciaal voor het jubileum een lied dat paste op de gezamenlijke opgave die voor ons ligt: werken aan een landschap waarin landbouw en natuur elkaar versterken. Deze toekomst kan, zoals tijdens het festival keer op keer bleek, alleen worden gerealiseerd door samenwerking, betrokkenheid en de inzet van duizenden mensen die zich dagelijks inzetten voor natuur op het boerenland.
De tekst van het lied vatte de sfeer van de dag treffend samen:
Voor ons, voor hier, voor later,
Voor de toekomst die jij zaait en plant.
Voor ons, voor hier, voor later,
Voor de toekomst van ons land.

